Het fenomenale MartHa!tentatief presenteert u: Revue van het Ontembare Leven. Anderhalf jaar lang berichten, feestavonden en acht toneelstukken over het leven in de stad aan het begin van de 21ste eeuw. Over mensen die hier gisteren zijn aangespoeld, of veertig jaar geleden, of die hier al heel hun leven wonen. Over de bewoners van een onwerkelijk plein. Over Polen op een bank in het park. Over een school vol kinderen. Een wachtzaal vol doden. Over onszelf in ons huis.
Het is vandaag – geloof het of niet – zaterdag 1 november 2008 en ik heb zonet een merkwaardig tafereel aanschouwd dat me diep heeft getroffen. Ik kan nu nog niet weten dat ik er de komende weken dagelijks aan zal terugdenken, dat het in de loop van de komende maanden via de bedrieglijke wetten van het verhalen vertellen tot een nog indrukwekkender tafereel zal uitgroeien, dat ik er binnen twee jaar nog een geantidateerde blog over ga schrijven.
Ik kan nu nog niet weten dat het merkwaardige tafereel dat ik zonet aanschouwd heb, me naar instituten en sanatoria zal drijven, me door een specialist het verschil tussen een AH en een NAH zal doen uitleggen, me anderhalf uur lang met open mond zal doen luisteren naar magda die ’s nachts droomt van de man, de kinderen en de kleinkinderen die ze nooit zal hebben.
Ik kan nu nog niet weten dat het tafereel dat ik zonet aanschouwde met wat geluk binnen twee jaar en drie maanden heel voorzichtig zal overgedaan worden op de planken van de antwerpse schouwburgen, dat het met wat geluk een ontroerende ode zal worden aan die heldendaad van zonet, dat het met wat geluk het geachte publiek van een zelfde soort ontroering zal doordringen, als degene die mij nu zonet is overvallen.
Omdat een heel gewone man zo oneindig traag, zo woest met zijn armen en benen schokkend en zo totaal buiten controle toch geheel geconcentreerd een drukke straat doorstrompelt dat de hedendaagse stad die van niets meer opkijkt plots stilvalt, zijn adem inhoudt en eerbiedig het hoofd buigt.
— Geschreven door Bart op 30 Aug 2010
Enkele dagen geleden ontmoette Caroline in het stadspark een man die Jozef heette. Het was een Pool met, zo vertelde ze later, zachte helderblauwe kleine ogen en een fiets. En samen met zijn arbeidskaart (die in een leren zakje om zijn nek hangt) is die fiets Jozefs belangrijkste bezit. Hij is namelijk met die fiets van nabij Berlijn hierheen komen rijden. In vijf dagen tijd. Zonder kaart. De routebeschrijving stond op enkele briefjes, niet meer dan de opsomming van de te volgen steden. En hier verdient hij geld. Veel geld naar eigen zeggen. In een systeem van Arbeit Essen Schlafen. Arbeit Essen Schlafen. Immer Arbeit Essen Schlafen. En zo eens om het half jaar rijdt hij met die fiets terug naar Polen. Om het geld af te geven aan zijn Frau Kind Mutter. Vater Kaputt.
Als afsluiter vroeg Caroline hem dan hetvolgende. Ik geef het u graag en gratis mee op het einde van deze passend regenachtige dag.
Sind sie gelücklich?
Was?!
Sind sie gelücklich?
Plich?! Lich?!
Haben sie freude in dein Leben?
Freute!? Was ist Freute!?
— Geschreven door Bart op 26 Aug 2010
Vanochtend was de wereld plots heel even begrijpelijk; gebeurtenissen ontrolden zich op een logische wijze, tijdperken volgden zich ordelijk op en het leven werd zowaar voor heel even minder zinloos doordat zich plots grotere verbanden voordeden tussen al die tijden, gebeurtenissen en evoluties. En dat alles hadden we te danken aan ludo abicht die geheel zijn kostbare ochtend besteedde aan ons, die alles willen weten van de chassidische joden en hun band met het park waar we een stuk over gaan maken. Op onze eerste officiële interviewdag.
En we hingen aan zijn lippen en verlustigden ons aan zijn kennis en we waren blij dat al dat lekkers door ons opnamemachien werd geregistreerd. Dat de chassidische joden pas na wereldoorlog II in antwerpen aanspoelden, dat ze opgejaagd door operatie barbarossa (de inval van de duitsers in rusland) in kampen achter de oeral werden samengebracht en dat camille huysmans hen even warm als listig in antwerpen verwelkomde met het oog op het behoud van de diamantindustrie. We leerden ook dat de typische aanblik van die chassidische joden (de vreemde vilten hoed, de schoenen met gepsen, de laken pakken) geen religieuze achtergrond heeft maar enkel verwijst naar de klederdracht in hun land van oorsprong. En ons hart sprong op toen bleek dat dat land van oorsprong polen was. Zoals ge hoort verliep de ochtend steeds voorspoediger, de zon scheen prachtig binnen in het met 130 lopende meter boeken volgestouwde appartement, ludo’s nog steeds wonderschone vrouw serveerde ons heerlijk slappe koffie en ondertussen vertelde ludo de ene wetenswaardigheid na de andere. Uren aan een stuk.
En ondertussen snorde ons opnamemachientje tevreden verder. Om plots en vlak voor de eindmeet om geheel onduidelijke reden te stokken. Het begon verwoed te pinken. Luisterde niet naar onze zacht gefluisterde aanmoedigingen. En wiste vervolgens gelijk opnamemachientjes dat graag doen in één moeite heel die begrijpelijke wereld van ludo abicht van zijn en dus ons bestand. Met de simpele mededeling FILE ERROR.
De uren erna waren we wat ongelukkig. Tot ik mij ineens herinnerde dat ook het allereerste interview voor ‘de vernissage’ was mislukt en dat dat ondanks die mislukking toch een heel schoon stuk is geworden. Maar Caroline Rochlitz, die getuige haar achternaam uit Sudetenduitsland komt en stiekem van adel is, liet zich door zo’n flauwiteit niet troosten en kruipt nu wellicht nog nagrommend haar bed in.
— Geschreven door Bart op 24 Aug 2010
Leestip. Als ge zenuwachtig wordt van al de haakskes in onderstaande blog, moet ge die gewoon overslaan en niet lezen. De tekst klopt ook als ge ze weglaat. Dat heb ik getest.
Ik weet niet wie van beiden gisteren in het park het meeste indruk op me gemaakt heeft; ephameron of sabine. Ephameron maakt sowieso al een gehele tijd veel indruk op mij, dusdanig veel dat ik haar enkele maanden geleden schroomvol heb gevraagd om samen met ons revue # 5 – polen op zondag te maken. Ephameron heet in het echt eva (of is het eva die in het echt ephameron heet, dat is een andere en welhaast metafysische discutie) en zij is een jong grafisch artieste (wat een onnozel woord, bart van nuffelen, zegt toch gewoon dat ze prachtig tekent én schildert én plakt én met oneindig veel stukskes tape kunstwerken maakt) wiens werk me al jaren intrigeert en doorheen die jaren ben ik me gaan afvragen waarom. Ondertussen ken ik het antwoord; omdat haar werk de oneindig rijke werkelijkheid weergeeft zoals ik die aanvoel en alsof dat al niet genoeg is, daarenboven ook nog eens zeer theatraal is. En laat heel deze wonderlijke ‘revue van het ontembare leven’ (dat is de niet onaardige bulktitel waar alle revue’s onder passen) nu net als doel hebben om al die verschillende realiteiten die dag in dag uit naast mekaar bestaan, tastbaar te maken en met mekaar in interactie te laten gaan. Ge begrijpt, ik had geen andere keuze, meer zelfs, ik had de professionele plicht (ha hier ben ik weer!) om haar te vragen deze revue mee (on)werkelijk te laten worden.
Met die ephameron (die ik in het echt gewoon eva noem want het is en blijft raar om iemand die naast u op een bank in het park zit ephameron te noemen, dat is waarom ik vitalski in het echt ook vital noem, en klein jowanneke gewoon jowan – en dat is doorgedacht ook meteen de belangrijkste reden waarom ik nooit vriend kan worden met prince of bono, omdat ik die hun échte naam simpelweg niet ken) zat ik vorige week dus te picknicken op een bank in het park toen ik plots en zonder enige aanleiding werd aangesproken door een meisje dat later sabine bleek te heten. En zo luidde haar onvergetelijke openingszin;
‘wist gij dat ik de grootste fan ben van bart kaël?’
En zie, met deze ene geniale zin maakte zij zich op slag even fascinerend als ephameron met haar honderden prachtige tekeningen. Ze vertelde zonder speciale aanmoediging ook over de vier optredens die zij al had gezien, plus opgave van het exacte tijdstip en uur. Ze vertelde dat ze blij was dat bart nu gelukkig was met luc. Dat bart en luc ook maar mensen gelijk wij allemaal. Dat ook zij sinds kort voor het eerst vriend heeft. Alleen voor te knuffelen. En dit alles vertelde ze op dusdanig kinderlijke wijze (die geheel niet paste bij haar leeftijd en voorkomen) dat ik haar enkel met een grote verbaasde glimlach kon aanhoren. Ik sprak met sabine af om haar de dag erna te zullen interviewen. Op dezelfde plaats. Op het zelfde uur. Maar de dag erna regende het. En sabine luisterde thuis naar de zes platen en twaalf singles van haar bart en liet deze bart in de stromende regen op zijn honger.
(ps: sinds twee minuten geleden weet ik dat bono paul david hewson heet en dat prince gek genoeg in het echt ook prince heet, prince rogers nelson meer en beter bepaald – nu kan ik dus ook met prince en bono potentieel vriend worden)
— Geschreven door Bart op 17 Aug 2010
Ik heb een probleem. Ik wil in dit bericht alles tegelijkertijd vertellen. Over de schitterende blogberichten die nooit afgewerkt zijn geworden en waarom. Over waarom ik dat eigenlijk graag doe, blogberichten schrijven. Over waarom ik beter onmiddellijk met blogberichten schrijven zou stoppen en waarom ik dat toch niet ga doen. Over welke muziek ge zoudt moeten opzetten terwijl ge onderstaand bericht leest. Over wat ik u vanavond toch ga schrijven ondanks alles.
Ge gaat naar youtube. Ge typt White Rabbit in van Jefferson Airplaine. Ge steekt uwe koptelefoon in. En ge leest verder. Over alle berichten die ik nooit heb afgewerkt en waarom. Over de vrijgezellenavond van Johan, omdat ik het bij nader inzien niet vond kunnen om aan de hele wereldwijde bloggemeenschap prijs te geven dat hij deze weken zonder schaamhaar door het leven moet. Of de zes pogingen waarin ik het verhaal wilde vertellen van Antonio Gomez uit Guinée Bissau zonder dat ge als lezer uw hoofd afwendt omwille van zoveel ellende. En hoe al die zes berichten vooral de ellende weerspiegelden en niet de kracht en de schoonheid van mijn dakloze, drugsverslaafde en uitgeprocedeerde vriend van het plein. Of het trieste bericht over onze oude buurvrouw die nu ruzie maakt met zichzelf omdat onze oude buurman sinds deze winter ergens op een kerkhof ligt te bekomen van al die jaren ruzie samen. Die potentiële parel is als vele andere parels niet uitgewerkt omdat er zoveel anders was dat nog dringender & nog belangrijker is dan berichten schrijven voor een onbestaand publiek.
Ge gaat terug naar youtube en nu typt ge Come Home in van Amatorski. En ge leest verder. Tot vorige week, allerliefste schaarse lezers van deze blog, had ik enkel een vermoeden van dat onbestaand publiek. Maar ik wist het niet zeker. En dat was genoeg om verder te typen en te dagdromen van toch een paar meisjes die in hun nachtpon nog gauw efkes dit bericht lezen alvorens heerlijk zacht de zorgen van de dag weg te gaan slapen. Sinds begin deze week weet ik wel beter. De in haar nuchterheid onnavolgbare Els van de MartHa’s heeft namelijk het onzalige idee gehad de blogstatistieken te activeren. Het enige voordeel is dat ik u nu wel rechtstreeks kan aanspreken; proficiat lieve lezeres in uw nachtpon, ge zijt één van mijn vier lezers deze week.
Ge gaat terug naar youtube en nu typt ge Lovely Head in van Goldfrapp. En ge leest verder. In deze wereld van optimalisatie en winstmaximalisatie zou ik deze berichten nu onmiddellijk moeten stopzetten. Maar ik vrees dat het al te laat is. Want dit publiek mijmeren is in korte tijd een soort van hobby geworden. Reeds mijn tweede hobby, na prentenboeken schrijven. En ik weet nu plots ook waarom; het is een troost om over schone dingen te mogen schrijven. Over schone tonelen waarnaar ge zeker moet gaan kijken. Over muziekskes die ge eens per youtube moet beluisteren. Over films die evenzo troost bieden. Ik laat u, vier lezeressen in uw nachtpon, dus niet in de steek. En ik zeg u voor het slapengaan; ga één van de weken eens Big Fish van Tim Burton halen in de videotheek. Ge zult het u niet beklagen. Want ge zult nadien geen schrik meer hebben om dood te gaan. Dat was eigenlijk het enige dat ik u wilde vertellen vanavond.
ps/ nu youtube toch openstaat & als tegengif tegen dit al te zeemzoet gemijmer: het filmke ‘4 ton mantis’ van amon tobin
zonder dank! slaapwel!
— Geschreven door Bart op 17 Aug 2010
Gisteren zag ik puffend, zwetend en joggend plots kristalklaarhelder in dat er op het podium van den bourla konijntjes moeten huppelen. Simpelweg omdat die huppelende konijntjes meer dan wat ook dé kern, dé attractie, dé aantrekkingspool uitmaken van dat park vol parkmensen. En ook omdat huppelende konijntjes volgens mij altijd schoon zijn op het toneel. En omdat het verwijst naar het oer-revue-stuk Solo over het grote dierenbos in het jaar nul. En omdat die huppelende konijntjes een prachtig levend tegengewicht zullen bieden aan al die schitterend abstracte beelden die tijdens het joggen aan mij verschijnen.
Gek hoe ik dat alles in al die zittende en wandelende dagen ervoor niet inzag, en gisteren plots wel. Het moet met die beroemde endorfines te maken hebben, maar mijn toneelkop marcheert zo precies beter en intuïtiever terwijl ik loop. En dat is meteen de enige maar zeer doeltreffende troost voor alle momenten van gène die me sinds mijn anti-jog-blogs nog meer dan tevoren overvallen, als ik rood aangelopen, zwaar ademend en stinkend voor de vijfde keer een zoveelste jonge parkgodin voorbijbanjer.
— Geschreven door Bart op 12 Aug 2010
Ik was, lieve schaarse lezeressen van deze blog, vastbesloten het zorgvuldig geheim te houden – maar zoals dat gaat met geheimen is ook dit geheim klaarblijkelijk niet bestand gebleken tegen de wetten van de blogkunde – want nu schrijf ik u toch dat ik gisteren terug ben gaan joggen. En alsof dat na al mijn voorbije schotschriften tégen het joggen al niet erg genoeg is, moet ik in één moeite door bekennen dat ik gaan joggen ben in het park waarover tonelen moeten worden geschreven. Ik zou u kunnen vermoeien met een uitputtende uitleg over hoe het zover is kunnen komen, maar dat ga ik u besparen. Ik kan u wel melden dat één en ander nog steeds wiebelde als tevoren, dat het enorm traag ging (rondetijden van meer dan negen minuten, terwijl ik het in mijn beste dagen in 7 minuten en half deed en dat de schaarse elegante lopers het in een kleine 6 minuten doen) én dat het zeer inspirerend was.
Want dat was ik u in alle vorige blogs over het lopen vergeten te vertellen; dat lopen op de beste momenten een deur in de hersens openzet naar wonderlijke inzichten over toneel maken. En de 36 minuten en 52 seconden die ik gisteren lopend doorbracht overtuigden me van de noodzaak, wat zeg ik, van de professionele plicht om de komende maanden te blijven joggen in dat park waarover stukken gemaakt moeten worden. Simpelweg omdat revue # 5 – polen op zondag, want zo heet het stuk waar u in februari met wat geluk naar zal komen kijken (en waarvoor de kaarten in ijltempo verkocht worden, haast u spoedt u), beter zal zijn mét joggen dan zonder.
En morgen – dat is beloofd – geef ik daarvan alreeds een voorbeeld…
— Geschreven door Bart op 12 Aug 2010
Deze middag weer naar het park gegaan, voor het eerst met het martha-interview-machien, maar vandaag geen goesting en eigenlijk doorgedacht vooral geen moed, niet de nodige sprankel, niet de juiste dosis ‘iedereen-kan-mijne-rug-op’ om mensen geheel ongevraagd ongemakkelijke vragen te stellen. In de plaats daarvan op een bank gaan zitten en naar de mensen gekeken. En me een nieuwe reeks vragen over parkmensen gesteld. Zoals daar zijn; kunt ge aan parkmensen hun gezicht zien vanwaar ze komen? Of denkt ge dat alleen maar te kunnen zien? En in hoeverre zou een filippijnse beledigd zijn moest ik haar een thaise noemen? En waarom spreek ik wel over een afrikaanse man en niet over een europese vrouw? En tussendoor probeer ik zo levendig en krachtig als mogelijk mensen en situaties te beschrijven, zoals ze zich voordoen in een regenachtig park, bij het vallen van de avond. En al na tien minuten moet ik vluchten omdat het nu echt te hard begint te regenen.
een zwarte jongeman met witte draden knoopt zijn voetbalschoenen toe / een mooi aziatisch meisje met plooirok rijdt op een fiets / een voornaam gekleed heertje draagt een knalrode ferari-pet / een alternatief kussend koppeltje, nee ik bedoel een kussend alternatief koppeltje met dreadlocknesten op hun hoofd, kussen op het eerste zicht behoudsgezind / een onvriendelijk ogende acajou-harige vrouw laat een vriendelijk ogende teckel uit / een nog te jong om al zo krampachtig te lopen meisje loopt opvallend krampachtig / twee andere zwarte jongens met witte draden komen soepel over het grasveld aangelopen / het alternatief koppeltje met de dreadlocknesten kust nu plots ook alternatief; ze rollen door het nat en natter wordende gras / er stromen steeds meer donkere jongens toe, allen met witte draden in hun oren, om samen te voetballen en om samen te vloeken op de regen die het komende uur uit de grauwe wolken zal vallen.
— Geschreven door Bart op 7 Aug 2010
Al enkele dagen is de stad nog leger dan tevoren, ge ziet het aan de lege parkeerplekken, ge hoort het aan de vogels die schoner fluiten, ge voelt het aan het trekken van uw hart. Het park waarvan een stuk gemaakt moet worden daarentegen, is vandaag voller dan ooit. En de tegenspraak hiervan is op dit moment even opvallend als onverklaarbaar. Want wat betekent dat? Dat de mensen die de stad massaal verlaten hebben (de verlofmensen) wellicht andere mensen zijn die graag in het park vertoeven (de parkmensen)? En betekent dat dan ook dat parkmensen geen interesse hebben in verlof? Of hebben die daar geen geld voor? Of zien die eenvoudigweg het nut ervan niet in? Is het juist dat de parkmensen meer dan de verlofmensen van overal zijn komen aanspoelen? En dat die eerder verlangen van op een dag eens terug naar hun oud huis te gaan in bv de hoogvlakten van afghanistan dan naar bv een camping in de dordogne? Of een hotel in antalia?
Er valt nog zoveel te ontdekken over de parkmensen en tot mijn schrik zijn er van de zes maanden die ons resten tot de première ondertussen nog maar vijf over.
— Geschreven door Bart op 7 Aug 2010
(net op het moment dat ik begreep dat het eigenlijk een heel slecht idee was om mensen per fiets te achtervolgen – desnoods ronden aan een stuk – om ze te kunnen interviewen als ze eindelijk met lopen/strompelen zouden stoppen, legde plots iemand zijn hart toch bloot, wellicht om mij te belonen voor het volharden in de boosheid)
de zware man die zijn naam niet in de krant wil, legt van allen uiteindelijk zijn hart nog het meeste bloot – hij loopt om te vergeten dat hij het geluk acht jaar en drie maanden geleden zomaar heeft laten passeren – het was zo plots en overweldigend glimlachend op kantoor verschenen dat hij ervoor was terug gedeinsd – hij loopt om te vergeten dat het geluk hem tot driemaal toe van haar bestaan had trachten te overtuigen – hij loopt om te vergeten dat hij dat pas ten volle begreep toen het te laat was en hij al naar de toen heersende normen en opvattingen in een aangekondigd huwelijk was gestapt dat uiteindelijk liefde- en kinderloos zou zijn – hij loopt om de onrust te bezweren en de woede en de spijt – hij loopt om het leven te wreken dat zich eens te meer ontembaar toont, nu al acht jaar en drie maanden lang
— Geschreven door Bart op 26 Jul 2010